Khao Yai mei 2008

Eerste boomplantactie Khao Yai National Park

Eerste bomen geplant - Khao Yai Afgelopen weekend is het eerste boomplantkamp in Khao Yai van start gegaan, met als doel het planten van 7.500 bomen. Een week voordat het kamp begint, verzamelt het coordinatieteam in het kantoor van WERF. Een aantal mensen van WERF en BTEH en 15 internationale vrijwilligers.

We maken een werkplan voor de week: zaden verzamelen voor het volgende kamp, de kweekzakjes van de kleine stekken vervangen, stekken ophalen in kwekerijen in de buurt, de grond voorbewerken, materiaal voor het educatieprogramma maken, het entertainmentprogramma samenstellen, langs de scholen om de laatste details voor het educatieprogramma uit te wisselen en een plan maken hoe wel de boomplantactie gaan coordineren. Maar we beginnen met het verbouwen van de keuken want het onderzoekscentrum is niet ingericht op zoveel mensen. Na de briefing gaat iedereen aan de slag: in de kwekerij worden zaden in kweekzakjes gestopt en de muur van de keuken wordt een paar meter naar buiten verplaatst. Nu hebben we in elk geval genoeg ruimte om te koken en te eten. De hele week wordt er hard gewerkt om alles zo goed mogelijk voor te bereiden. Het is een chaotische week, met veel lastminutes wijzigingen en dingen die niet of onlogisch geregeld blijken te zijn. Ik probeer er maar op te vertrouwen dat in Thailand dingen vaak op het allerlaatste moment toch goed komen. Iedereen kijkt erg uit naar het kamp. Het is ook een groot event: drie dagen bij de bostempel kamperen, 130 kinderen entertainen, een educatieprogramma draaien en een ambitieuse doelstelling qua bomen planten.

Het programma gaat goed van start. Tijdens de openingsceremonie legt de hoofdmonnik het belang van Trees for Elephants uit. Dat een boom planten niet voldoende is maar dat de bescherming en verzorging veel belangrijker is. De bomen die de kinderen tijdens dit weekend gaan planten, zijn het begin van een essentieel bos. De verbinding tussen het national park en het dorpsbos, de eerste uitbreiding van het national park, na zoveel inkrimping. Het nodigt de kinderen uit om vaak terug te komen. Om te kijken hoe het met hun bomen gaat, om ze te verzorgen en misschien nog een boom te planten.
De vrijwilligers doen tussen de olifantenlessen door spellentjes met de kinderen en geven engelse les. Aan het einde van de middag gaat de eerste ronde bomen planten van start. Het is een totale chaos. De problemen die ik van te voren had aangegeven, zoals dat de grond nog een keer bewerkt moest worden en dat we meer gereedschap nodig hebben, komen direct uit. De vrijwilligers hebben een systeem bedacht om de kinderen gecontroleerd te laten planten en ook om ze eerst te leren hoe ze een boom op de juiste manier moeten planten. Maar als we van start gaan, rent iedereen door elkaar heen en wordt ons plan genegeerd. Het is dan ook geen verrassing dat er weinig en slecht geplant wordt. Dit moet tijdens de volgende ronde veel beter georganiseerd worden. ’s Avonds hebben we een spoedoverleg. Nu vertrouw ik er niet meer op dat het wel goed zal komen. Ik stel harde eisen. Er moeten werkers komen om de grond voor te bewerken, er moet ’s ochtends vroeg extra gereedschap gekocht worden en de vrijwilligers bepalen het systeem. Daarna geef ik een presentatie over bomen en olifanten aan de kinderen, met als eindopdracht de tekenwedstrijd. Binnen een uur hebben we een flinke stapel tekeningen met bomen en olifanten. Een van de winnaars tekent een meisje dat een boom plant terwijl ze denkt aan een olifant die in de toekomst van de boom eet. De boodschap is in elk geval goed overgekomen.

De volgende boomplantronde gaat al een stuk beter. Er zijn vier vrouwen aan het werk om de grond voor te bewerken en vanuit verschillende hoeken wordt er gereedschap gebracht. Als we de doelstelling qua aantal bomen met de kinderen niet gaan halen, dan moeten we er in elk geval voor zorgen dat ze veel leren, goed kunnen planten en zich na het kamp ook om de bomen bekommeren. Dat lukt heel goed. De kinderen zijn heel erg betrokken bij het planten en de toekomst van het bos. En tijdens de laatste twee uur planten, loopt het systeem als een speer. De ouders van de kinderen zijn zelfs naar het kamp gekomen om te helpen. In totaal planten we 3.300 bomen tijdens het kamp.

Met WERF maken we een noodplan, want de rest van de bomen moeten zo snel mogelijk de grond in. De dorpsleider komt langs en laat weten dat hij veel dorpelingen bij elkaar kan krijgen om te komen planten. Direct een tweede kamp dus, maar nu met mensen die gewend zijn aan dit zware werk. Met dit team zouden we de bomen in een paar dagen moeten kunnen planten.

Na drie dagen kamp, is iedereen moe. De vrijwilligers hebben een band opgebouwd met de kinderen in hun team en bij het afscheid rollen er vele tranen. In elk geval is dit voor iedereen een leerzame en inspirerende ervaring geweest. En ook al zijn het minder bomen dan verwacht, een veld met 3.300 pas geplante bomen is een indrukwekkend gezicht. Hoe zou dit er over een aantal jaar uitzien?

De dagen na het kamp is het rustiger maar er is genoeg te doen. De kwekerij moet gevuld worden, dus we verzamelen meer zaden (Ma Kha en Waa) en stoppen ze in kweekzakjes. Met de truck rijden we naar de kwekerij van de Thaise overheid om te gratis stekken op te halen. Naast de 2.300 Ma Kha stekken, kunnen we ook 350 wilde bamboo meenemen. Dat is mooi, want dit is erg gewild bij olifanten. De vier vrouwen die de grond voorbewerkt hebben, zijn nu aan het planten. En hebben in twee dagen tijd de rest van het eerste veld volgeplant. Met de vrijwilligers gaan we terug om meer bomen te kunnen planten. Daar wachten nog 1.000 boompjes om geplant te worden. Dat moeten we in een middag kunnen doen! Drie uur later is de klus geklaard: de doelstelling van 7.500 bomen tijdens het eerste kamp in Khao Yai is gehaald. Op naar de volgende ronde!

Kijk ook hier!