Weblog Antoinette - november 2007
Ambitieuze plannen
En dan zit ik na een hectische tijd in Nederland weer in het vliegtuig naar Thailand. Met een koffer vol ambitieuze plannen. 100.000 bomen voor olifanten planten, een dorpsbank opstarten voor olifanteneigenaren, twee olifantenreizen en scholenprojecten. Ach, na alle stress voor de tocht met twee vrijgekochte olifanten kan ik wel wat hebben, praat ik mezelf moed in. Toch valt opstarten altijd tegen.
In Bangkok aangekomen neem ik gelijk de nachttrein naar Chiang Mai. Daar krijg ik gelijk vreselijk slecht nieuws. Het babyfantje van twee weken oud dat Lek onlangs heeft opgevangen is net overleden. Moeder werkte in een trekkingkamp, stond ’s nachts op een heuvel aan de ketting, baby werd geboren, rolde naar beneden en werd de volgende ochtend gevonden. Lek heeft haar twee weken lang 24-uurszorg gegeven. Even ging het heel goed, ze speelde zelfs met Douk Ngern. In een nacht was het voorbij. Ik spring in een taxi naar het Elephant Nature Park. Net op tijd voor een prachtige ceremonie. Honderden kaarsjes, wierook, monniken en bloemen. De baby lag in het midden, zo klein nog. Lek zat er in elkaar gedoken bij. Pom coördineerde de ceremonie, haar emoties komen waarschijnlijk pas als ze alleen is. Ik kon alleen maar heel stil zijn. Was ze maar bij ons geboren.
Bomen voor olifanten
De volgende dag ga ik de boomkwekerij in orde maken. Het watersysteem repareren, boompjes verplaatsen, onkruid weghalen en boompjes die klaar zijn om te planten eruit halen. Ik word er vrolijk van, Trees for Elephants is echt van start gegaan. We planten honderd boompjes in het Park. Als ik dit 1000x doe heb ik de doel bereikt! Maar Trees for Elephants omvat wel wat meer dan alleen bomen planten. Samen met partnerorganisatie PDA (population and development foundation) gaan we op veldonderzoek in de Isaan om te zien hoe micro-krediet in de praktijk werkt. Veel dorpen in dit gebied zijn arm. Vaak is rijst de enige bron van inkomen en zijn de uitgaven van het dorp groter dan de inkomsten.
Olifantendorp
Het is voor de dorpelingen onmogelijk om zonder geld hun bestaansmogelijkheden te verbeteren en een lening bij een gewone bank kunnen ze niet krijgen. Dit gebied was vroeger bos waar veel olifanten leefden. Nu zijn er nog steeds veel olifanten, maar deze zijn tam. Ze worden vaak door hun eigenaren meegenomen naar de stad om te bedelen. We willen een traditioneel olifantendorp weer leefbaar maken voor mensen en olifanten. Alle inwoners van het dorp kunnen ervan profiteren doordat ze een microkrediet kunnen krijgen om een nieuwe inkomstenbron op te bouwen. Door het planten van bomen wordt de dorpsbank gestart. Op die manier krijgen alle dorpelingen de kans een andere toekomst op te bouwen, uiteraard met bijzondere aandacht voor de families met een olifant. De olifanten profiteren: door herbebossing, het verbouwen van voedsel voor olifanten, educatie en werkgelegenheid waardoor families uiteindelijk niet meer met hun olifant hoeven te bedelen.
Al twee jaar probeer ik een project te bedenken om de straatolifanten en hun families te helpen. Over dit concept ben ik heel tevreden. Nu er nog geld voor zien te vinden. En dan de uitvoering. Het klinkt allemaal nog erg conceptmatig. Het dorpsbezoek maakt het ineens concreet: dorpelingen sluiten een microlening af om met een karretje fruit en ijs te gaan verkopen, gaan zeep produceren en verkopen, kopen een rijstmolen zodat ze eindproducten kunnen verkopen, elk huis heeft nu een klein kruidentuintje voor de deur, gemaakt van een autoband. Het dorpshuis fungeert een avond per week als bank. Een groot boek met alle transacties, er liggen spaarboekjes voor de dorpelingen en enquêtes die onder de dorpelingen zijn gehouden. We bezoeken ook de nieuwe school.
Het is een uniek concept, een soort vrije school, waar elke dag begint met een knuffel en de lokalen zeshoekig zijn. Ik krijg gelijk allemaal ideeën voor ons olifantendorp: welke vragen ik in onze enquête wil hebben, een brainstormsessie met olifantenfamilies, scholenprojecten, wat we voor de olifanten kunnen doen. Olifantenpoeppapier maken bijvoorbeeld. Sommige families in dit dorp houden varkens. Traditioneel lopen varkens los door het dorp. Voor de economische ontwikkeling is dit enigszins geïntensiveerd. Er staan een paar bio-industrieachtige hokken met vette varkens erin gepropt. Ai, ik ben helemaal voor economische ontwikkeling, maar absoluut tegen intensieve veehouderij. In ons dorp kan dit straks echt niet, mompel ik wat. Dat wordt nog een uitdaging.
Bezoek aan een traditioneel olifantendorp
Wat later bezoek ik een traditioneel olifantendorp. Zo’n 150 huishoudens, 60 olifanten die allemaal naar steden worden gebracht om te bedelen, geen bos maar wel aan de Moon-rivier. Ik praat met de dorpelingen over mijn idee. Ze worden gelijk praktisch: ‘De rivier overstroomt elk jaar, dus daar kunnen we niet planten. Met twee rai grond kunnen we één olifant voeden. Een mahouthomestay project? Dat kan prima in mijn huis!’. Ik doe gelijk boter bij de vis en boek voor 8 personen voor de twee Chang-reis. ‘Graag vegetarisch eten en geen haken bij het olifantbaden’, merk ik alvast op. De dorpelingen zijn enthousiast. Heerlijk als mensen gewoon gelijk ter zake komen.
De eerste door Bring the Elephant Home georganiseerde Chang-reis gaat van start met 7 deelnemers. In een enthousiaste bui bedacht, maar me totaal verkeken op de hoeveelheid werk. De deelnemers zijn erg betrokken donateurs van Bring the Elephant Home. Ze kennen het hele verhaal uit mijn boek, hebben foto’s gezien maar als ze Douk Ngern en Sri Nuan ineens in het echt zien, reageert iedereen emotioneel. Mij doet dit ook veel. Ik vind het soms moeilijk uit te leggen waarom dit zo belangrijk voor me is. Als mensen zo reageren, zijn er geen woorden nodig.
Mijn eerste Trees for Elephants project op school
Met de school in het dorp van het Elephant Nature Park bespreek ik het Trees for Elephants project. Het hoofd van de school is ook gelijk praktisch: de kinderen zijn dol op het planten van bomen dus zij kunnen jullie altijd helpen. De kinderen die uit hill tribe dorpen komen, verblijven doordeweeks op een internaat omdat hun dorp te ver weg is. Het is nog een kale bedoeling, dus misschien kunnen we die middag daar alvast wat bomen planten? ’s Middags gaan we dus met 50 boompjes en gereedschap terug. Ok, hoe ga ik dit organiseren? Voor ik er erg in heb, heeft elke vrijwilliger twee kinderen onder zijn hoede en rent iedereen door elkaar heen op zoek naar plek om te planten. De kinderen nemen de leiding. Die hebben dit duidelijk vaker gedaan. In een kwartiertje is alles geplant en lopen de kinderen nog een rondje om water te geven. Ik hou een praatje voor de kinderen om te vertellen waarom we dit doen. Ze houden ook allemaal van olifanten, zeggen ze, en beloven de nieuwe boompjes goed te verzorgen. Door de chaos heb ik niet eens foto’s kunnen maken van mijn eerste Trees for Elephants project op school. Nou ja, er volgen er vast nog veel meer.
Olifantenfestival
Na het Elephant Nature Park, ontmoet ik de Chang-groep weer in Surin, waar het jaarlijkse olifantenfestival plaatsvindt. Lek en ik hebben beiden 10 kamers geboekt. Lek wordt door twee cameraploegen gevolgd, ik door Llink TV voor het programma ‘Aanpakken en Wegwezen’. Chaos, qua hoeveelheid mensen en camera’s al, maar qua olifanten is het echt een gekkenhuis. Voor ons hotel staan olifanten geparkeerd, voor het treinstation ‘olifantentaxi’s’, je kunt hier olifant rijden dwars door de verkeerschaos. We zien een baby olifantje van 8 maanden oud die zo de Phajaan training uitkomt, wat letterlijk het kraken betekent. Om zijn wil te breken sluiten dorpelingen de olifant op in een houten kooi waarin hij zich niet kan bewegen. Ze slaan en prikken hem daar waar het het meeste pijn doet, op zijn slurf, zijn oren, tussen zijn tenen. Hij lijdt honger en dorst. Hij moet zich onderwerpen aan de mahout, die tegelijkertijd zijn vertrouweling moet worden. Om dat te bewerkstelligen spreekt de mahout de olifant voortdurend geruststellend toe en beloont hem bij vooruitgang. Soms brengt hij hem ’s nachts suikerriet of bananen. De marteling duurt tot het dier zijn verzet opgeeft, meestal na ongeveer een week.
Daarna kan de echte training beginnen, waarbij een olifant specifieke bevelen leert op te volgen. Acht maanden oud is dit olifantje. Normaal drinkt een olifant tot zijn derde jaar bij zijn moeder en blijft hij altijd bij haar in de buurt. Dit olifantje is al op zichzelf aangewezen. Zijn mahout is misschien veertien en laat stoer zien hoe goed zijn olifantje al naar hem luistert. Ik vind het schokkerend hoe mensen hier geamuseerd naar kunnen kijken. Maar het kan nog erger: er loopt een olifant met een gebroken been op het festivalterrein. Nee, niet in de medische kliniek op het terrein, maar als trekkingolifant. Er staat een gezin op de trap te wachten om deze olifant te bestijgen. Lek rent erop af: “Jullie kunnen niet op deze olifant rijden! Hij heeft een gebroken been, kijk maar!”, roept ze tegen de familie. De vader besluit om zelf dan maar niet op de olifant te gaan zitten, maar zijn vrouw en twee kinderen moet geen probleem zijn. Ik probeer mijn emoties af te sluiten. Het is ook zo een overdaad aan afschuwelijke en onwerkelijke prikkels, dat het bijna afstompt. Maar ik kan me niet laten gaan, ik ben hier met een missie. Ten eerste om via Llink aan heel veel mensen te laten zien wat er achter de schermen van entertainment met dieren plaatsvindt. Ten tweede om hopelijk één olifant in nood te kunnen bevrijden.
Het redden van Faa Sai
Faa Sai (heldere hemel) vinden we op het mahoutkamp, waar de olifanten ’s nachts verblijven. Ze is vier jaar oud. De eigenaar heeft haar een paar dagen geleden in Pattaya gekocht. Daar stond ze in een kooi, zonder bewegingsruimte. Aangekomen in Surin, bleek het erg slecht met Faa Sai te gaan. Ze is zo onrustig dat ze geen moment stil staat. Ze springt met haar voorvoeten aan elkaar vastgeketend alle kanten op. Haar ogen zijn geïnfecteerd, hebben witte vlekken en gaan nog maar een klein stukje open. Volgens Dr. Prasit zou ze zonder goede behandeling blind kunnen worden. Als je naar haar kijkt, kan je haar angst bijna voelen. En er is niemand in de buurt die haar ook maar een beetje gerust kan stellen.
Sinds ze in Surin is, heeft ze niet meer gegeten. Als de mahout haar eten geeft, gooit ze het gewoon opzij. Drie dagen niet gegeten en dat terwijl ze met haar onrustige gedrag zoveel energie verbruikt. Als ze langer in deze situatie blijft, vrees ik voor de afloop.
De volgende dag moet ze dwars door de massa mensen en olifanten heen rennen, terwijl er vuurwerk naast haar tot ontploffing komt. Onder de haak van de mahout, rent Faa Sai met grote ogen, haar mond wijd open en oren gespreid met de groep olifanten mee. Geen idee in wat voor gekte ze nu weer beland is. ’s Avonds zien we haar weer, met haar voeten aan elkaar vast, onrustig heen en weer te hoppen. Nog steeds niet gegeten, zegt de mahout. Dr. Prasit behandelt haar ogen. Eigenlijk is dit zinloos, vertelt hij me. Met één keer behandelen, zal dit nooit genezen. Dit moet elke dag gebeuren. ‘Kan je Faa Sai alsjeblieft naar het Elephant Nature Park brengen’, vraagt hij me. ‘Ik beloof je dat ik haar elke dag zal behandelen en zal voorkomen dat ze blind wordt’. Ik probeer het, beloof ik hem. Ik ga voorzichtig bij Faa Sai in de buurt zitten, met wat geschild suikerriet in mijn hand. Eerst blijft ze uit de buurt. Dan loopt ze ineens rustig op me af en reikt met haar slurfje naar mijn handen. Ze eet.
Het dorp van Faa Sai
Maandagochtend ben ik met Dr. Prasit naar het dorp van Faa Sai gegaan. Met het ambitieuze plan om haar die avond nog mee te nemen. Toen we Douk Ngern en Sri Nuan vrijkochten, heeft het draaien van de papiermolen bijna een week gekost, maar Dr. Prasit regelt alles in twee uurtjes. Hij is overheidsarts van een hogere rang. De ambtenaren rennen voor hem. Weer een stapje verder& Nu eerst naar de markt om genoeg eten in te slaan voor de lange reis. Volgens haar inmiddels ex-eigenaar is er al genoeg voedsel, maar ik vertrouw er nooit op dat dit voldoende is. Ik sla ruim in: vier zakken bananen, vier pompoenen, vier zakken watermeloen, een zak komkommers, zes ananassen en een zak cantaloup. De ex-eigenaar lacht erom. Hij vindt het duidelijk overdreven. Nadat we met de hele familie de financiën geregeld hebben, zou de truck moeten komen. Nog een half uurtje, zeggen ze. Dat wordt zes uur later. Want de chauffeur kwam onderweg een liftende olifant tegen, moest daarna twee keer met rijst heen en weer rijden, nog twee olifanten uit Satuk halen maar door de overbelasting kwam de truck vast te staan en vervolgens ook nog een keer zonder benzine. Arme Faa Sai staat nog steeds te wachten, al heeft ze geen idee waarop. Maar dan arriveert de truck toch echt. We gooien een flinke laag hooi naar binnen, het eten op het dak en ik kruip erin om Faa Sai met eten gerust te stellen. Een paar minuten later rijden we weg. Het is gelukt. Faa Sai is vrij!
Faa Sai houdt zich groot tijdens de tocht. Ze eet goed en is erg nieuwsgierig naar ons en de omgeving. Haar slurf steekt ze steeds naar buiten om de frisse lucht op te snuiven. ’s Nachts wordt het koud. Ik val in een baaltje hooi voor haar in slaap maar word wakker van haar slurf. Het lijkt wel een droom. ’s Ochtends begint Faa Sai uitgeput te raken. Ze swingt steeds heen en weer, waardoor haar spieren verzuren. Als we even stoppen, valt ze bijna in slaap. Het begint al warm te worden en we willen in elk geval voor de echte hitte in het Park zijn. We spoelen haar af, geven haar eten en drinken en moeten verder. Nog even Faa Sai! Het laatste uurtje lijkt wel drie uur te duren. Maar dan rijden we de door de toegangspoort van het Elephant Nature Park, gevolgd door rennende cameraploegen. Lek en de vrijwilligers staan ons op te wachten. De kettingen vallen van Faa Sai’s benen af. Die waren zo te zien heel lang niet af geweest. We nemen haar eerst mee naar de rivier om te drinken. En Lek heeft weer veel lekker fruit voor haar klaar gezet. Maar ze graast liever zelf gras. Echt een straatolifant. Straatolifanten eten altijd al bananen of suikerriet en kunnen zelf nooit grazen. Dan is het tijd voor de ontmoeting met de kudde&.
Een nieuw leven
Een jong olifantje is altijd gewild, want de meeste volwassen vrouwtjes olifanten willen er wel een adoptiekindje bij. Faa Sai wordt direct door verschillende families omringd. Aan alle kanten wordt ze door slurven betast en besnuffeld. De baby’s willen gelijk met haar spelen. Sri Nuan probeert haar in haar mond te stoppen, en als dat niet lukt onder haar lichaam te krijgen. Een kakofonie van olifantengeluiden. Faa Sai is direct populair. Ze loopt af en toe met Mae Boon (moeder van Aura) mee. Maar ze lijkt zich het meest comfortabel bij Douk Ngern en Mae Tokoh (moeder van Pupia) te voelen. Die nacht laten we haar dus bij deze familie slapen. ’s Avonds laat ga ik met Pom bij haar kijken. Ze is van slag. Ze maakt ruzie met Douk Ngern. Van alle olifanten die ze weg kan duwen, moet ze natuurlijk niet precies Douk Ngern wegduwen als ik sta te kijken. Als Douk Ngern helemaal buiten het nachtverblijf staat, gaat ze Pupia en zijn moeder lastig vallen. Sri Nuan komt op voor haar familie en geeft Faa Sai een flinke duw. Dit is geen succes. We zetten haar dus buiten slurfbereik maar wel in de buurt van de familie. Een half uurtje later gaat ze liggen en valt ze in een diepe slaap. Ik ben benieuwd wat er de volgende dag gaat gebeuren!
Als ik ’s ochtends de luiken van mijn hut open gooi, rent Faa Sai al rond. Ze is zo wanhopig op zoek naar liefde, dat ze wat opdringerig overkomt. Sommige olifanten duwen haar weg, maar brutaal als ze is, komt ze gelijk weer terug. Wat een verschil met Douk Ngern, die de eerste weken in het Park niet in de buurt van onbekende olifanten durfde te komen. Faa Sai kiest Mae Boon uit als haar nieuwe adoptiemoeder. Mae Boon zorgt eigenlijk niet eens goed voor haar eigen kindje Aura. Maar met de tantes in de buurt redt Aura het prima zo. Als Mae Boon door heeft wat Faa Sai van haar wil, rent ze er eerst vandoor. Maar Faa Sai rent wild trompetterend met haar mee. Mae Boon geeft zich al snel gewonnen. Faa Sai wijkt geen ogenblik meer van haar zijde. Aura is duidelijk blij met haar nieuwe zusje. Als Faa Sai in paniek raakt, gaat Aura naar haar toe om haar gerust te stellen. Jee, in twee dagen haar vrijheid terug en een nieuwe familie. Wat moet dit fantastisch voelen voor Faa Sai. Llink TV vraagt me hoe dit voor mij voelt. Ik kan er geen woorden voor vinden. De beelden vertellen alles. Binnenkort in Nederland op TV te zien!
Groetjes,
Antoinette




