Tussen Noon Ta Laat en Baan Noon Moi

nonsusvissen Al een paar dagen lang horen we ‘s nachts steeds motoren draaien. Het komt uit het veld waar de eigenaren van het land hun vijvertjes aan het leegpompen zijn. “They are fishing” zegt Lee, laten we gaan kijken. Aan de rechte vorm te zien graven de mensen de vijvers zelf. Dan laten ze de vijver vollopen met regenwater, wachten totdat er vis is zit en pompen het dan leeg. De vis kan dan gewoon opgeraapt en uit de modder getrokken worden. De mannen pakken de vissen en de vrouwen sorteren ze in bakken met of zonder water. Het is de kunst om ze zo vers mogelijk op de markt te krijgen, zodat ze een goede prijs kunnen vragen. We vinden het niet echt een duurzame manier van vissen, omdat het regenwater dat op het land gewoon verdampt verder niet meer gebruikt kan worden en er ook bijna geen leven meer overblijft in de put. Opa Duang laat ons met zijn eeuwige glimlach de bakken met vissen zien. Deze manier van vissen is hier blijkbaar heel normaal.

Het veld waar we verblijven ligt tussen twee dorpjes in, Noon Ta Laat en Baan Noon Moi. Baan Noon Moi is het dorp waar opa Duang Madee en zijn familie woont. Er staan een aantal stenen huizen, maar het huis van opa Duang, wat aan het einde van het dorp ligt is van hout. Vrijwel alle huizen hebben een onder en bovenverdieping. Beneden lopen de kippen, staan de watertanks waar het regenwater in wordt opgevangen en speelt het leven overdag zich af. Boven is het huis dicht en daar slaapt de familie ‘s nachts. In het dorp zijn een paar kleine winkeltjes en zo te zien moeten de meeste mensen in dit dorp met vrij weinig geld rondkomen. Met oud en nieuw hebben we de familie Madee uitgenodigd om bij ons te komen eten in het kamp. Ze hebben hun vier kleinkinderen, twee meisjes en twee jongens meegenomen. Hun kinderen zijn met de olifanten aan het bedelen in de steden en opa en oma passen op de kleinkinderen. Het is erg gezellig en na het eten worden we uitgenodigd mee het dorp in te gaan naar het feest. We worden hartelijk ontvangen door alle dorpsbewoners die een echte ‘party area’ hebben ingericht met een podium tussen twee huizen ingeklemd. We worden zelfs aangekondigd door de microfoon: “farang ma leo!”, de buitenlanders zijn er al! Een liedje zingen op het podium lijkt onvermijdelijk en met allebei een prachtige Isan-doek om ons middel geknoopt moeten we eraan geloven. Het dansen met de kinderen op swingende Isan muziek vinden we het leukste en 12 uur halen we net, half slapend in ons kamp.

mrduang
Mr Duang