Baan Ta Laat, een olifantenidylle?
Het dorp waar Sri Nuan vandaan komt, Baan Ta Laat, wordt ook wel ‘elephant village’ genoemd. Er zijn in totaal 18 olifanten, elk huis heeft een olifant en we hebben gehoord dat mens en dier in harmonie met elkaar leven. Het dorp heeft een stichting opgericht voor onverwachte kosten voor de olifanten. Elke middag gaan alle olifanten samen in bad en eten ze samen. We zijn benieuwd naar deze olifantenidylle en gaan een bezoekje aan het dorp brengen. Als we aankomen in het dorp, blijkt dat alle olifanten naar de stad zijn getrokken en in april pas weer terug naar huis komen. Alles wijst erop dat alle olifanten uit Surin in het droge seizoen naar steden gaan om te bedelen. Dit is de enige manier om aan genoeg voedsel voor de olifanten te komen. We zijn nog steeds benieuwd hoe het dan precies zit met de stichting, en hadden graag de olifanten in bad zien gaan. Het enige dat de overgebleven dorpelingen ons echter kunnen vertellen is dat er op 8 januari een groot festival is in hun dorp met zo’n 200 olifanten. Misschien komt zelfs Mr. Thaksin, de minister president van Thailand wel. Het lijkt ons in ieder geval de moeite waard om op die dag vanuit Ayatthaya hiervoor terug naar Surin te gaan. Helaas geen olifanten meer in Baan ta Laat. Maar wel veel bananenbomen, waarvan we er 10 kopen voor 10 Baht per stuk. Het dak van de minibus wordt volgeladen.





