Olifantenfestival Surin
Silver Flower uitgeput op het festival
Hoewel dagboeken doorgaans strikt persoonlijk zijn, heb ik vandaag dat van Antoinette gekaapt. (Ze zit zelf lekker uit te rusten hoop ik). Vandaag is 22 november, ik ben Liesbeth die samen met Antoinette het boek gaat maken over Bring the Elephant Home. Het is avond en Antoinette, Lee en ik zitten in de nachttrein naar Surat Thani, met de bedoeling morgenmiddag aan te komen in Phuket. Phuket??? Het is een lang verhaal.
Na een periode van veel wachten op de mogelijkheid vergunningen te regelen voor de tocht is plotseling alles in beweging gekomen. De filmploeg is gearriveerd die de documentaire over de tocht gaat maken, ik ben gearriveerd om het boek te gaan maken en met zijn allen zijn we naar het olifantenfestival in Surin gegaan, een stad in het noord-oosten. Het is een jaarlijks festival, in een streek waar van oudsher veel families olifanten hebben. Vroeger ook om te helpen met het zware werk, tegenwoordig vooral om mee te bedelen en mee op te treden. We hebben dan ook verbazingwekkende acts gezien. Olifanten die voetballen, T-shirts beschilderen, op hun achterpoten staan, mondharmonica spelen, hoepelen met hun slurf. De geschiedenis kreeg ook een plaats, in de vorm van een veldslag met olifanten. Sommige acts waren puur Disney, sommige indrukwekkend en prachtig om te zien. Alleen geniet je er wat minder van als in je achterhoofd de beelden spelen van de pijnlijke training die nodig is om de olifanten zover te krijgen.
We hadden nog een ander doel. Het moment is namelijk gekomen om de olifanten te zoeken die vrijgekocht gaan worden. Op het festival zijn zo’n 400 olifanten bij elkaar, velen daarvan kennen het leven van de straat. De resultaten zijn maar al te zichtbaar. Olifanten die onophoudelijk heen en weer staan te wiegen, ogen die angstig wegdraaien, voorhoofden zijn een slagveld van littekens en soms ook verse wonden. We lopen rond, we kijken naar oren, poten, ogen, huid. Wie ben jij om te zeggen welke olifant redding het hardste nodig heeft?
Voorhoofd Silver Flower
Twee olifanten lijken onontkoombaar. Duang Ngung ofwel Silver Flower, een tiener van 6, gestresst, gedeprimeerd, haar gezicht lijkt wel eeuwen oud. Silver Flower heeft op de straten van Pattaya gebedeld, maar is nu terug in Surin om verder getraind te worden. Ze heeft de basistechnieken onder de knie maar haar mahout wil nu dat ze bijzondere truckjes leert, zoals harmonica spelen. Aan haar gedrag en de blik in haar ogen is duidelijk te zien wat de training met haar doet.
Maak me los!!
De tweede is Sri Nuan ofwel ‘hundred procent lady’, zoals Lee haar naam vertaalt. Volgens de mahout is ze 35 jaar, maar waarschijnlijk is ze ouder. ‘Suay’, fluistert de mahout, en wijst op de dikke lange staart met veel haar. Enorme oren, onderaan roze met zwarte stippen, net als haar slurf. Groot, langzaam op het slome af. Ze is ook blind aan een oog. En haar baby van acht maanden is vorig jaar verkocht. Die werkt nu in een olifantenshow, zegt de mahout. En daarom zijn we nu op weg naar Phuket. De baby heet Nhung Hning en als je Lee vraagt wat dat betekent zegt hij: ‘Heel zacht, als een jongen en een meisje lieve woorden tegen elkaar zeggen’, en daarbij maakt hij golvende gebaren. Waagt iemand zich aan een vertaling?
Sri Nuan voor ons hotel in Surin
Staart van Sri Nuan…. wow!
We gaan Nhung Hning zoeken, want Bring the Elephant Home wil haar weer met haar moeder samenbrengen. De opmerkzame lezer heeft het inmiddels begrepen: geen twee, maar drie olifanten. Soms moet je gewoon je hart volgen. En hopen dat anderen jou kunnen volgen. Dus zegt het voort: er komen waarschijnlijk nog een viertal olifantenpoten bij die voetstappen die gefinancierd moeten worden.
‘Voetstappen’ is overigens een rekbaar begrip aan het worden. Al reizend van het Elephant Nature Park naar Surin en van Surin naar Bangkok, zien we dat Thailand veel op Nederland begint te lijken: uitgestrekte stedelijke gebieden, veel wegen, het land daartussen weliswaar niet vol koeien, aardappelen en mais, maar wel vol rijst, tapioca, eucalyptusplantages. De natuurgebieden waar je verantwoord met olifanten kunt wandelen zijn dun gezaaid. Er groeit begrip voor de kritiek die hier bij tijd en wijle klinkt: moet je hier wel met straatolifanten gaan wandelen? Lopen over asfalt is geen optie, dat is nu net waarvan je de dieren wilt vrijwaren. Het woord ‘vrachtauto’ duikt steeds vaker op in gesprekken over de planning. Misschien gaan delen van de tocht op wielen plaatsvinden, en gaan ‘voetstappen’ vervangen worden door ‘olifantkilometers’. Hoe dan ook, het belangrijkste is dat de olifanten vrijgekocht worden en in het park een waardig bestaan krijgen.
Als het aan Antoinette ligt, worden het Silver Flower, Sri Nuan en Nhung Hning.
De komende tijd staan daarom de volgende dingen op het programma:
- Nhung Hning zoeken in de olifantenshows op Phuket, een vakantie-eiland in het zuiden van Thailand
- Deals sluiten met de eigenaars van Silver Flower en Sri Nuan, die we al hebben gesproken en die wel willen verkopen, maar vooralsnog te duur. De eigenaars hebben we na het festival bij hen thuis bezocht. De eigenaar van Silver Flower vertelde ons dat ze alweer in de training zit. We treffen haar aan op een mooie plek langs een rijstveld, wat een goed thuis lijkt. Maar al snel wordt duidelijk dat ze haar hierheen hebben gehaald omdat wij er zijn. Ze komt voorzichtig naar ons toe om kennis te maken. Op haar hoofd zit wat vers bloed van de scherpe nieuwe haak waar haar mahout mee zwaait. Achter haar oren zitten houten pinnen zodat ze haar hoofd niet kan draaien. Om te voorkomen dat ze straks, als ze toeristen op haar rug heeft, geen bladeren langs de weg gaat eten.
- De papieren in orde maken voor de koop. Dat klinkt eenvoudig, maar vergt stalen zenuwen en een opgewekt karakter.
Inmiddels is de nacht gevallen en schommelt en stommelt de trein richting zuiden. Zullen we de baby vinden? Wil de eigenaar haar verkopen? Zal de prijs niet te hoog zijn? Wordt vervolgd!

Filmcrew Nature Conservation Films in actie: Producer Marjolein, cameraman Bob en geluidsman Martin.




